DOPINGCONTROLE (als
je wint, heb je vrienden…)

Inleiding

Het ging me al een paar weken écht voor de wind. Ik zat op
mijn tweede jaar in Leuven, was vrij vlot geslaagd in mijn eerste jaar en
behoorde dus niet meer tot de groentjes. Ik kende intussen de weg, had er
vrienden en vriendinnen, had bewezen dat ik het allemaal aankon en dat was toch
wel een geruststelling voor mezelf én voor mijn ouders; zij zaten me nu niet
meer zo overbezorgd op de hielen. Er was thuis en bij mezelf stiekem toch wel
een hele berg stress weggevallen.

Ook in mijn belangrijkste passie, volleybal, liep het de
laatste tijd bijzonder lekker. Sinds ik me erbij had neergelegd dat mijn kleine
gestalte een te grote handicap zou blijven om ooit een echte topper te worden,
had ik paradoxaal genoeg veel meer plezier gevonden in het volleybal én begon
ik beter te presteren. Eigenlijk verkeerde ik nu in bloedvorm en speelde ik een
heel pak beter dan iemand twee jaar geleden had durven te voorspellen. Ik
voelde me perfect in mijn sas in mijn rol als super-sub. Onze coach liet me in
de reservewedstrijd op alle posities spelen, kwestie van én mijn
fingerspitzengefühl als spelverdeler, én mijn receptie- en verdedigingswerk op
peil te houden. Tijdens de hoofdwedstrijd van mijn team liet hij me zowat elke
set even opdraven in het achterveld, voor mijn goede service en mijn
betrouwbaarheid in receptie en verdediging, en soms ook weleens op de
spelverdeling. Wat wil een (te kleine) jongvolwassene nog meer?

Op de momenten dat ik in de reservewedstrijd niet de
spelverdeling deed, was ik dus automatisch ook aanvaller. Dat was nieuw voor
mij, en reken maar dat ik me lustig uit kuurde, ondanks mijn gebrek aan lengte.
Je kon er niet meer naast kijken; ik was dankzij mijn techniek, vista en grinta
in feite een veelzijdige, tamelijk complete volleybalspeler geworden. Het bleef
sowieso doodjammer van die ruim dertig centimeter (gestalte plus reikwijdte met
mijn armen) die ik tekortkwam in het blok, maar dáár had ik dus een streep
onder getrokken. Het was zoals het was, punt!

Kortom, ik leefde de laatste weken op een wolk, zat
boordevol testosteron en energie. De levenslust droop eraf… Het was me niet
ontgaan dat die vrolijk zelfverzekerde houding een interessant neveneffect had.
Ik lag sinds korte tijd duidelijk veel beter in de markt, en genoot van de
vriendelijke blikken en belangstelling van de meisjes, in Leuven en in de club.

Hoofdstuk 1 – De
topwedstrijd

Wij hadden al vroeg in het seizoen een topmatch en daarnet,
in de reservewedstrijd, had ik mezelf en de anderen alwéér verbaasd; man, man,
prima wedstrijd was dat! Ik stond in alle bescheidenheid echt versteld van
mezelf. Aces gescoord en verwarring gezaaid met mijn service; kwistig gedurfde
pasjes uitgedeeld; mijn ploegmaten opgejut tot een hoger niveau; nauwelijks op
een foutje te betrappen in receptie, verdediging én aanval. Ik had zelfs
gescoord met mijn blok! Tja, als je eenmaal in de flow zit, valt echt álles
mee. Na de reservewedstrijd kreeg ik een goedkeurend schouderklopje van de coach,
met de instructie om even te rusten en me daarna goed opgewarmd klaar te houden
tijdens de hoofdwedstrijd; hij kon me vandaag meer dan ooit gebruiken!

De eerste set ging kansloos verloren. In de tweede set ging
het gelijk op. Ook nu moest ik, zoals bijna altijd, halfweg de set even onze
aanvallende reus Carl vervangen in het achterveld; behoorlijk druk gezet met
mijn service én een ace geslagen, foutloos in de receptie en een paar moeilijke
ballen netjes verdedigd. Toen ik weer aan het net kwam, en uiteraard weer
vervangen werd, hadden we een kleine voorsprong opgebouwd. Ik had duidelijk
mijn bijdrage geleverd, mijn taak zat er weer op voor deze set, en ik ging met
een zelfvoldane brede smile even op de bank rusten.

Bij zijn eerste actie aan het net kwam Carl verkeerd neer.
Hij zakte door zijn enkel en schreeuwde het uit van de pijn. Het spel werd
stilgelegd, spelers van beide ploegen troepten samen rond de ongelukkige die
duidelijk niet meer verder kon. Op de bank kreeg ik het meteen warm én koud
tegelijk; het reglement was duidelijk. Carl was al vervangen geweest, door mij,
en dus móést ik en niemand anders hem nu vervangen voor de rest van deze set,
ook al was ik niet bepaald de ideale speler om aan het net mee te draaien.

De coach gaf me wat instructies en ‘je kúnt het’ mee toen ik
het terrein weer opstapte. Enkele spelers keken wat meewarig en moedeloos
wegens deze plotse gestaltehandicap, anderen geloofden er nog in. Op de tribune
was het muisstil. Het punt werd opnieuw gespeel en de spelverdeler van de
tegenstander stuurde de bal uiteraard meedogenloos naar de aanvaller die recht
tegenover mij stond. Die dacht allicht dat hij dé kans van z’n leven had tegen
dit onderdeurtje en haalde blind uit. Intuïtief voelde ik dat hij zonder meer
rechtdoor zou gaan, voor een moordende ‘winner’ laag over het net, binnen de
driemeterlijn. Ik sprong met alles wat ik in mijn kuiten had en maakte mijn
blokje zo agressief mogelijk. Tot ieders verbazing kreeg die kerel zijn bal via
mijn blok droog op zijn voeten terug. Wel, wel, wel; een schoolvoorbeeld van
een killblock! Gejuich aan onze kant van het terrein en op onze tribune. Ik had
zopas hét punt van mijn stoutste dromen gescoord! De natte droom van élke
volleybalspeler.

We stelden ons opnieuw op voor het volgende punt en mijn
midden-blokker Jan fluisterde me toe dat de bal heel waarschijnlijk opnieuw
naar dezelfde aanvaller zou gaan.

“Ik kom aansluiten,” zei Jan, “dus geef me
ruimte!” Hij kreeg gelijk, er kwam opnieuw een snelle bal naar dezelfde
aanvaller, maar Jan had hierop gegokt en ik voelde dat ie op komst was. Ik liet
de hoofdslagrichting voor hém en sloot zo hoog mogelijk – deze keer defensief –
het ‘straatje’ langs de lijn af. Hij sloeg inderdaad in mijn blok, en deze keer
zeilde mijn terug botsende bal met meer geluk dan iets anders diagonaal over
alle tegenstanders heen om sarrend onbereikbaar helemaal aan de overkant in het
hoekje van hun terreinhelft neer te komen. Ik werd gek, mijn ploegmaats werden gek,
onze supporters werden gek; deze kleine jongen, ‘onbruikbaar’ aan het net, had
zopas twee ballen gescoord, nota bene met zijn nietige blok, net alsof dat mijn
dagelijkse job was.

Meteen time-out bij de tegenstander. Onze coach pepte ons
verder op, voor zover dat nog nodig was, en waarschuwde ons dat het mij niet
elke keer zou lukken, maar dat we erin moesten blijven geloven, hoe dan ook,
dat dit hét psychologische moment in de wedstrijd was enz… Om een lang
verhaal kort te maken; mijn team stoomde door op adrenaline, bij de
tegenstander begon al snel het onderlinge gemor, en wij wonnen de set.

Ik was tevreden over mijn prestatie maar evenzeer verrast
dat de coach ook de volgende set met mij wilde starten; er waren immers heus
wel andere, grotere reservespelers om de plaats van Carl in te nemen. Maar hij
was duidelijk.

“Jij start. In ieder geval. Je bent onze joker. Wat je
aan het net tekortkomt, compenseer je dan maar met je service en in het
achterveld. En als ze je aan het net écht consequent in de luren gaan leggen,
haal ik je er weleens uit.”

Om ook dit verhaal kort te maken (al kan ik hier werkelijk
bladzijdenlang van genieten); wij wonnen de wedstrijd met 3-1. Ik werd niet
vervangen, draaide prima mee, scoorde en liet mijn maten scoren, en werd
slechts af en toe een beetje belachelijk gemaakt met mijn blokje.

Hoofdstuk 2 – Als
je wint, heb je vrienden…

Het waren lichtjes uitzinnige taferelen na deze gewonnen
topwedstrijd. Zelfs Carl, die nu toch wel dringend naar de spoed moest voor die
enkel, probeerde mee te huppelen in onze rondedans. De coach van de
tegenstander was sportief genoeg om me oprecht te feliciteren met mijn
berenwedstrijd; de dame uit het clubbestuur die bij ons al eeuwen als official
het wedstrijdblad beheert, vloog me om de hals en liet me pas los toen ik werd
opgeëist door de meisjessupporters die het terrein bestormden. Ik kreeg hugs en
knuffels en kussen van meisjes en dames van wie ik zelfs de naam niet kende.
Dat was allemaal leuk, die meisjes die zowat tegen me aanreden, maar ik moest
me toch even losrukken en me naar het toilet reppen, want tegen het einde van
de laatste set was de druk op mijn blaas geleidelijk onprettig toegenomen. Dat
kwam door de spanning natuurlijk. Terwijl ik gelukzalig mijn straal in de
pisbak mikte – man, man, wat kan dat goed doen, zeker in zulke omstandigheden –
kwam die ene speler van de tegenstander bij de volgende pisbak staan. Zag er
niet zo happy uit. Hij grijnsde eens zuur naar mij. “Als ik bij die éérste
bal mijn verstand gebruik, wordt het heel anders” zeurde hij.

“Dat denk ik ook” antwoordde ik, en om het mes nog eens
goed in de wonde te draaien voegde ik er gewillig aan toe. “Daar ben ik
zelfs héél zéker van.” Zo, die had iets om over na te denken en zichzelf
te vervloeken, straks in de bus naar huis.

Lekker leeg gepiest kwam ik onze kleedkamer binnengestapt.

“Ha, hier is ie” zei onze teammanager droog. “Jij
moet meteen mee naar het EHBO-lokaal. De mannen van Volksgezondheid zijn er
voor een dopingcontrole, en ze hebben jou uitgekozen.” Ik hoorde het in
Keulen donderen. Een dopingcontrole? Hier? Op ons niveau? Bij volley van tweede
categorie? En dan uitgerekend deze reservespeler? Dit moest een grap zijn, dat
kon niet anders. Ik keek naar de anderen. Iedereen had er lol in. Net dán kwam
de voorzitter de kleedkamer binnen met een plateau vol bier. Gejuich. Normaal
hield ik me bij zulke belevenissen rustig op de achtergrond, afwachtend of er
ook een pintje voor mij bij was; deze keer geneerde ik me niet om meteen een
pint weg te grissen. Geen halve minuut later kon de voorzitter weer ophoepelen met
lege glazen, maar hij beloofde nog een tweede rondje, zó tevreden was ie. Die
dopingcontrole was ik al vergeten.

Ik nam mijn tijd om te douchen en na te genieten van mijn
match en kwam als een van de laatsten uit de kleedkamer, mijn lange krullende
haren nog nat en slordig in de war, jas over m’n sporttas. De eerste die ik
buiten de kleedkamer tegenkwam, was de vrouw van de voorzitter. Een sexy
wijfje, een stuk jonger dan de voorzitter zélf. Tussen de oudere spelers werd
al eens geïnsinueerd ‘dat zij er niet vies van was’, dat ze geregeld een jong
blaadje lustte en dat de voorzitter dat zelfs wist maar het oogluikend toeliet.
Dan werd eens gegrinnikt, en iets zei me dat een paar van mijn ploegmaten iets
te verbergen hadden.

Ikzelf was allicht onbetekenend voor haar. Ze had nog nooit
een woord tegen me gesproken, amper een goeiedag, kende tot vandaag
vermoedelijk niet eens mijn naam, maar nu vloog ze me om de hals alsof ze me
wilde versmachten. Ik liet het me welgevallen, ook toen ze me weer losliet en
vanop kleine afstand met haar vingers als een kam door mijn lange haren begon
te harken om ze wat in model te krijgen. Ik vond het heel bijzonder hoe ze met
die ene hand mijn haar verzorgde en tegelijk met haar andere hand mijn schouder
vasthield om me onbeweeglijk te houden. Ik voelde de duim van die hand door
mijn hemd priemen en bewegen alsof ze me daar een puntmassage wilde geven. Het
voelde prettig aan en ze rook heel lekker.

“Jij hebt gewéldig gespeeld” kirde ze vleiend. “Je
was dé ster op het plein. Zonder jou hadden we vandaag zeker verloren!” En
net toen ik begon te pruttelen dat de hele ploeg zich had geweerd, kuste ze me
gewoon recht op de mond. Ze pakte me opnieuw stevig in haar armen, drukte me
tegen zich aan, met haar onderbuik tegen mijn piemel die meteen prettige
signalen stuurde en fluisterde. “Mijn kampioen!” en ze kuste me
opnieuw op de mond. En wég was ze, de trap op naar de cafetaria, mij
verbouwereerd achterlatend, met een begin van bronstige lust. Toen ze afdraaide
om de trap te nemen, keek ze nog eens naar me om en ze tuitte haar lippen in
een kus. ‘Als je wint, heb je vrienden’, galmde Henny Vrienten door mijn hoofd.

Hoofdstuk 3
Touche

Ik wilde haar naar boven volgen, naar de cafetaria, maar
werd onderschept door de teammanager.

“Ha, hier is ie” zei hij net zoals hij me een kwartier
geleden had aangesproken. “Zeg, die mannen van de dopingcontrole zijn niet
content hè. Je had daar allang moeten zijn!” Ik begon weer te lachen maar
hij bleef voet bij stuk houden; het was écht! Uiteindelijk liep ik met hem mee,
en ja, in het EHBO-lokaal zaten inderdaad twee ernstige kerels te wachten. Ik
kon het nog altijd niet geloven maar ze legitimeerden zich, vroegen op hun
beurt mijn identiteitskaart en gromden dat ik in principe recht van het terrein
naar hén had moeten komen.

“Maar ik moest dringend piesen, vóór ik hiervan wist,”
protesteerde ik naar waarheid.

Enfin, ik moest dus een plasje maken voor de heren. Dat
lukte natuurlijk niet, onmogelijk; vlak ervoor mijn blaas leeggemaakt en voor
het overige was mijn hele lijf uitgedroogd van twee wedstrijden na elkaar. Na
veel vijven en zessen kreeg ik toestemming om even naar mijn maats in de
cafetaria te gaan en daar een en ander te drinken. Ze liepen voor alle
zekerheid mee naar boven om zelf ook iets te drinken en mij allicht in het oog
te houden.

Boven in de drukte begonnen de feestelijkheden opnieuw. Ik
moest nog wat gelukwensen van supporters in ontvangst nemen, kreeg meteen een
pint aangeboden en straalde allicht. (‘Als je wint, heb je vrienden, rijen dik’,
zoemde door mijn hoofd.) Maar telkens opnieuw kruiste mijn blik die van de
voorzittersvrouw die bij een groepje iets verderop stond. Zij zocht zelf
telkens opnieuw oogcontact en keek me dan indringend aan. Ik keek niet weg. Ik
voelde me geweldig en ik voelde me bronstig, en ik besloot haar spelletje mee
te spelen en haar afwisselend te negeren en dan weer brutaal de confrontatie
met haar blik aan te gaan. Probeerde een soort uitdagend spottende grijns op
mijn gezicht te toveren, sperde mijn ogen en neusvleugels een ietsje groter,
lette op mijn houding om er zo stoer mogelijk uit te zien.

In het gedrum van de drukte van te veel groepjes in een te
kleine ruimte voelde ik opeens op mijn heup de zelfverzekerde hand van een dame
die zich tussen de massa doorwrong, op weg naar een ander groepje. Ik voelde
haar licht maar duidelijk bewust knijpen en zonder te kijken wist ik dat zij
het was, en ik bleef halsstarrig staan tot ze hardop vroeg.

“Mag ik er even langs, asjeblieft…” en in mijn oor
fluisterend aanvulde “lekkere jongen.”

Nu ging ik wél opzij, terwijl ik me tegelijk naar haar
toekeerde en hardop

“Natuurlijk!” antwoordde en er fluisterend, alleen
voor haar oren, (on)dubbelzinnig “Voor jou álles” aan toevoegde.

Ze kneep nog even door, keek me nog even aan met een blik
die ik vertaalde als ‘dat hoop ik’ en vervolgde haar weg.

Hoofdstuk 4
Meer dan flirten…

Even later was het tijd om te vertrekken. Onze gewoonte was
na onze thuismatchen en na het douchen beleefdheidshalve en voor de goede
verstandhouding een kwartiertje te blijven hangen en consumeren in de cafetaria
van de sporthal en dan te verhuizen naar ons supporterslokaal. Probleem; ik
moest mijn plas nog maken, en ik had geen auto. “Schiet dan op, man, knijp
het eruit” maakten mijn ploegmaats zich vrolijk, en “In één keer al uw
zever uitspuwen, zouden ze daar ook iets mee kunnen aanvangen?” of
“Laat je eens goed afrukken, dan komt het er wat dikker uit” en meer
van die fraaie praat van opgefokte jongeren onder elkaar. Maar het probleem
bleef gewoon bestaan; ik had niet het gevoel dat ik het eerste half uur ook
maar een druppel zou kunnen piesen.

“Gaan jullie maar. Ik blijf wel even op hem wachten”
klonk een damesstem zakelijk achter mijn rug. De vrouw van de voorzitter die
zich opofferde voor de club, haha.

“Da’s een goed idee, Yvonne” beaamde de voorzitter die
er verder geen aandacht meer aan besteedde en de hele volleybalfamilie
aanmaande om te verhuizen naar onze thuisbasis.

“Pas maar op dat zij hem er niet afbijt,”
fluisterde lange Jan me grinnikend in mijn oor, “want ze ziet eruit alsof
ze honger heeft…” Ik meende ook een grijnzende blik van verstandhouding
tussen mijn twee oudste ploegmaats te bespeuren en het leek me best om te doen
alsof mijn neus bloedde.

Even later was zowat de hele volleybalfamilie verdwenen.
Onze tegenstanders waren eerder al ontgoocheld afgedropen. De cafetaria was zo
goed als leeggestroomd, behalve enkele supporters die niet meegingen naar het
clublokaal en liever hier nog wat consumeerden, de mannen van de
dopingcontrole, de aanhang van de zaalvoetballers die beneden in de sporthal
bezig waren, voorzittersvrouw Yvonne en ik na. Zozo, die Yvonne… Volgens mijn
ploegmaats waren haar intenties dus duidelijk. Ik keek nog heel even door het
raam naar het zaalvoetbal, socialiseerde ook heel even met de supporters,
stapte naar de dopingmannen met de melding dat ik nog altijd niet kon,
offreerde hen een pintje om het wachten te verzachten en zocht daarna Yvonne
op. Zij stond alleen aan een klein tafeltje wat opzij. Ik hoedde me ervoor om
al te gretig over te komen, ook al omdat ik niet wist of de achtergebleven
supporters haar reputatie kenden. Maar ik was intussen wel bronstig.

“Ik vind het heel bijzonder dat uitgerekend ú op me
wacht,” zei ik, “maar het kan nog even duren, vrees ik…”

“Da’s niet erg, tenminste als je me niet voor niets
laat wachten,” waarschuwde ze me subtiel en dubbelzinnig. “Ik verdien
wel een beloning, vind ik,” ging ze voort. Ik flirtte. “Voor zo’n
mooie dame doe je immers álles…”

Ze lachte me koket toe. “Charmeur!” En ze
vervolgde. “Ik heb staan denken; toch opvallend hoe jij het laatste jaar
veranderd bent; een hele kerel geworden!”

“Wie is hier nu de charmeur” haakte ik spottend in.

Ze begon me uit te vragen over mijn studies, volleybal, over
mijn toekomst, of ik een liefje had. Elke kans die zich voordeed om mij even
aan te raken of over mijn hand te strelen, greep ze. Ik haalde nog iets te
drinken voor ons tweeën (ik was intussen overgeschakeld op water) en ging wat
dichter naast haar in plaats van tegenover haar staan.

“Kan je zwijgen?” Vroeg ze plots. “Kan je een
geheim bewaren?” Ze keek me indringend in de ogen. Ik knikte.

“Ja, dat kan ik” bevestigde ik formeel. “En dat
dóé ik ook.” Even later bestelde zij nog een extra glas voor mij, weer een
excuus om mij even in mijn heup te knijpen…

Hoofdstuk 5 – Dat
plasje

De dopingmannen kwamen me sommeren dat het nu toch wel tijd
werd. Ik excuseerde me bij de voorzittersvrouw en dronk nog snel mijn glas leeg
(alsof dat zou helpen) vooraleer met hen mee te stappen. Terwijl ik dronk,
greep ze me even bij mijn arm, kwam nog wat dichter bij me en fluisterde
schalks. “Ik hoef geen handje toe te steken bij het plassen, zeker?”

Ik verslikte me haast in mijn glas water, hoestte en flapte
er onbezonnen uit. “Nee, maar daarna misschien wél!” Meteen daarna
vroeg ik me af of dit niet al te vrijpostig was geweest. Haar geile blik
verraadde echter dat zij net hetzelfde dacht.

Terwijl ik met de dopingcontrolekerels meeliep en al
voorbarig begon te genieten van onbestemde avonturen met die duivelse Yvonne,
voelde ik uiteraard een erectie opkomen. Ik moest mezelf dwingen om aan andere,
minder prettige dingen te denken – lekke band met de fiets, en dan door en door
nat en kil, rillend en klappertandend met de fiets aan de hand door koude,
regen en wind naar huis worstelen, bijvoorbeeld – om opnieuw een klein pietje
te hebben om te kunnen piesen. Het duurde uiteindelijk toch nog wel een minuut
of tien vooraleer ik eindelijk het zo begeerde staaltje kon afleveren. En al
die tijd mocht ik niet dagdromen over wat me straks wellicht te wachten stond.

Enige tijd later was het dan toch gebeurd. Ik wuifde de
dopingcontroleurs uit en haastte me terug naar de cafetaria maar daar was geen
geil voorzittersvrouwtje meer te bespeuren. In het hoekje dat we na de
wedstrijd of training altijd inpalmden, lagen alleen nog mijn sporttas en jas.
Het tafeltje waar ik een kwartiertje geleden nog met hooggespannen
verwachtingen had staan keuvelen met de duidelijk hitsige voorzittersdame, was
keurig afgeruimd. Ik wist niet goed wat doen, bestelde een pintje en ging door
het venster wat naar het zaalvoetbal kijken maar keek voortdurend om. Waar was
ze gebleven? Even naar het toilet? Maar dan duurde dat toch vrij lang. Had ze
zich bedacht en was ze toch maar naar huis vertrokken? Leek me ook alweer
onwaarschijnlijk.

Hoofdstuk zes
Gladiator

Eindelijk kwam ze toch weer opdagen, haar jas over haar vrij
grote handtas. Ik vergaapte me aan haar jurk die haar prachtige vormen
accentueerde, maar ik durfde te zweren dat ze andere panty’s aanhad dan
daarnet… Er zat nu een opvallende structuur in die me anders beslist eerder al
had moeten opvallen.

Ze kwam bij me staan en fluisterde me toe; “Ik heb me
wat opgefrist… Ik wil dat jij het even lekker vindt als ik…” Ik hapte naar
adem en wist niet wat zeggen. “Ga je mee?” vroeg ze. Ik knikte
sprakeloos opgewonden, liet de rest van mijn pintje staan, griste gauw mijn
sporttas mee, zwaaide naar de kroegbaas en haastte me achter haar aan.

Ik mocht mijn sporttas en jas dumpen in de kofferbak van
haar sportwagen. Ook zijzelf liet haar jas en tas in de kofferbak glijden. Toen
ze achter het stuur ging zitten, viel me op dat haar jurk tijdens dat instappen
vrij hoog was opgeklommen; ik keek even bewonderend rond in de schitterende
Mercedes maar zag vooral haar licht gespreide benen en een minuscuul strookje
bloot vlees tussen de rand van haar jurk en de rand van haar stay-ups. Ze
startte, schakelde, reed weg en legde meteen haar vrije hand op mijn dij. Ik
bromde/kreunde lichtjes goedkeurend.

“Heb je wat voor mij, kanjer?” Vroeg ze
onomwonden.

“Zeker. Voel maar” antwoordde ik brutaal.

Ze greep me in mijn kruis, loste enkel om te schakelen en
legde haar hand dan opnieuw tussen mijn benen. Ik ging gewillig wat verzitten
om haar vlotter toegang te geven.

“Wil jij meteen naar het supporterslokaal of heb je wat
tijd voor mij?”

“Supporterslokaal kan de boom in, ik wil jou”
antwoordde ik nog wat brutaler terwijl ik nu ook mijn hand op haar dij legde.

“In het oude Rome waren adellijke dames gek van
gladiatoren” zei ze.

“Dat heb je vandaag ook nog, bij boksers bijvoorbeeld”
antwoordde ik. “In een van die Emmanuelle-films vechten ze tot bloedens
toe; de winnaar mag met haar vrijen.”

“Dat heb ik gezien, ja. Ik werd er helemaal opgewonden
van. Ik wou er ook wel zo eentje.”

“Ik heb wel niet tot bloedens toe voor je
gevochten.”

“Nee, maar je bent de lieveling van het publiek. Die
wil ik. Dat is waar ik op kick.” En ze kneep in mijn pik die intussen
bijna op springen stond.

“Ik wil je kutje proeven” ging ik nu resoluut in de
aanval.

Ik voelde haar sidderen, gleed met mijn hand hoger en voelde
een klein stoppelveldje op haar onderbuik; ze had geen slipje aan!

“Ik weet zeker dat je graag hebt dat ik je daar lekker
nat lik” ging ik voort, op een manier die veel meer macho klonk dan ik
eigenlijk was.

Ik voelde dat ze helemaal in stemming aan het geraken was.
Ze verplaatste haar hand uit mijn kruis naar mijn hand en stuurde deze verder
tussen haar benen.

Hoofdstuk zeven
Parkingseks

“We zijn er zo,” zuchtte ze. Ik lette even op; ze
was op weg naar het natuurreservaat. Parkingseks op komst. Op de ruime parking
zag ik in een hoek een auto staan, gedimde binnenverlichting. Ze reed tot de
andere hoek, parkeerde achterwaarts, schakelde de motor uit en schoof haar
zetel helemaal achterwaarts met de rugleuning achterover. Trok haar jurk verder
omhoog en ging wijdbeens achteroverliggen met haar kutje naar mij gericht.

“Waar wacht je op,” fluisterde ze.

Ik genoot heel even van het haast onzichtbare moois in het
maanlicht, zocht de bediening van mijn zetel en schoof die ook achteruit,
draaide me zo goed en zo kwaad ik kon om op mijn knieën, langs de
versnellingspook en ging met mijn tong op zoek naar haar kutje. Deed mijn
stinkende best om haar te verwennen en kneedde tegelijk die heerlijke
billetjes. Het duurde niet lang voor ze begon te kreunen en te steunen,
lichtjes te schokken en te zuchten. Geen minuut later voelde en hoorde ik haar
een eerste keer klaarkomen. Ik maakte me even los om haar te bekijken. Ze
maakte van de gelegenheid gebruik om nog wat verder onderuit te zakken en haar
benen omhoog te trekken, zodat ik in het schemerdonker nu ook haar hele kontje
te zien kreeg.

“Nog” beval ze fluisterend.

Ik streelde met mijn vingers over en rond haar kutje, ook
het plekje tussen kontgaatje en kutje, en voelde hoe ze daar gretig op
reageerde. Dat gaf me de nodige moed om verder naar achter te glijden, rond
haar kontgaatje. Ze schokte en kermde. Ik probeerde moeizaam mijn houding wat
aan te passen om met mijn gezicht dieper te geraken, en probeerde nu resoluut
haar bilspleet en de omgeving rond haar kontgaatje te likken. Ze kreunde hevig,
maar ik verkrampte helemaal in die positie. Probeerde toch nog even vol te
houden, raakte met het puntje van mijn tong zowaar heel even haar aars maar gaf
het meteen op.

“Dat lukt zo niet” zuchtte ik hijgend.

“Wacht” antwoordde ze en ze draaide zich lenig om,
wijdbeens op haar knieën om me zo haar kont toe te steken. Gretig ging ik
opnieuw in de aanval. Ik likte opnieuw de billen van haar lekker fris ruikende
kontje en voelde dat ze hier helemaal gek van werd. Ik voelde hoe ze snel weer
naar een orgasme raasde en was nu zelf volledig van de wereld. Zonder ook maar
een seconde na te denken bij wat ik nu eigenlijk aan het doen was, probeerde ik
met mijn tong binnen te dringen in haar aars. Een gilletje bevestigde dat ze
opnieuw klaarkwam en dat ze het bijzonder vond. Ze draaide opnieuw op haar rug.
“Gekke jongen” lachte ze als om zichzelf goed te praten, en ik vond mijn
gedrag inderdaad maar hoogst twijfelachtig en niet meteen voor herhaling
vatbaar, maar ik wist verrekt goed dat ik een héél gevoelig plekje gevonden
had. Terwijl ik met mijn ene hand mijn neus en mond even ‘schoonveegde’ ging ik
met de vingers van de andere hand op zoek naar haar kutje dat intussen
effectief een grotje geworden was. Eén, meteen twee vingers erin, zachtjes
schuivend en wroetend terwijl ik haar aankeek. Ze tuitte haar lippen naar me.
Moeizaam werkte ik me over haar heen terwijl ik haar bleef vingeren. Ik had
niet verwacht dat ze me nu wilde kussen, nu ik pas haar dessous gelikt had,
maar dat was fout; ze kwam me tegemoet en begon gretig te tongen terwijl ik
mezelf wat ondersteunde met de ene arm en tegelijk haar kletsnatte kutje bleef
vingeren. Hoe graag zou ik haar borstjes voelen, maar ik had helaas geen derde
hand. Het was niet duidelijk of het door het vingeren kwam dan wel door het
tongen, of door de combinatie, maar ze begon alweer te sidderen en te schokken.
Heel even vreesde ik dat ze mijn tong zou stukbijten maar haar derde orgasme op
vijf minuten tijd kwam er zonder schade.

Hoofdstuk acht
Finale

Ze duwde me wat van zich weg. Ik had zelf ook mijn bekomst
van mijn gymnastische standjes en ging even in een tamelijk gewone houding
zitten in mijn kuipzetel. Meteen voelde ik haar hand op mijn dij, zoekend naar
mijn kruis, broeksriem en rits. Ik hielp haar mijn pik tevoorschijn te toveren.
Ze bekeek me glimlachend toen ze hem zachtjes begon te rukken.

“Zal ik dan nu mijn lekkere kampioen eens
verwennen?” Ze boog over me heen nog voor ik een antwoord kon verzinnen, en
begon de eikel te likken. Met haar natte tong bewerkte ze het gaatje, het
riempje en de hele eikel. Ze gleed langs de hele schacht op en af en slokte
vervolgens het bovenste stuk in haar mond om te zuigen, te likken, te happen.
Ik voelde haar tanden net niet pijnlijk over het riempje en de eikelrand
glijden en ging snel in de richting van de zevende hemel.

“Yvonne…” waarschuwde ik met verkrampte buik- en
bilspieren, “ik ga zo meteen klaarkomen als je zo doorgaat.” Ze gaf
geen krimp en zette haar werkzaamheden voort, nog gretiger leek het wel.

Ik werd er zowaar een beetje nerveus van; zo meteen spoot ik
hier die hele Mercedes onder, en haar kleren, en haar gezicht…

“Yvonne…” kreunde ik opnieuw, maar ze ging gewoon
voort. Ik probeerde uit alle macht me te beheersen, maar seconden later volgde
grommend, schokkend de verlossende ontlading met een reeks naschokken. Al die
tijd bleven de eerste vijf centimeters van mijn pik in haar mond, zonder ook
maar iets te knoeien. Zodra ik uitgeschokt was en me gewonnen gaf, zoog ze
krachtig het laatste druppeltje uit mijn eikel. Met gesloten gevulde mond kwam
ze overeind. Ze lachte naar me en net toen ik verwachtte dat ze het portier zou
openen om alles buiten uit te spuwen, zag ik haar uitdagend een slikbeweging
maken. Ze opende haar mond, liet me zien dat ie zo goed als leeg was, op een
paar restjes na, slikte nogmaals en kwam naar me toe. Ik kende na mijn
ongehoorde belevenissen van de laatste paar minuten geen enkel taboe meer en
ging er gretig op in. We tongden een hele tijd, en ik kreeg nu eindelijk de
kans om haar borsten te voelen en te kneden. Even later maakte ze zich van me
los.

Hoofdstuk negen
Frustratie of …

“Hèhè, dat was fijn” zei ze na een diepe zucht. Ze
stapte snel even uit om haar kleren wat te herschikken, stapte even snel weer
in, toverde een klein plasticflesje spa reine en een paar tissues uit een vak
in haar portier, bevochtigde handig een tissue en veegde er zorgvuldig haar
gezicht en haar lippen mee schoon terwijl ze in de achteruitkijkspiegel tuurde,
bood mij ook een bevochtigde tissue aan waarmee ik eerst mijn gezicht en daarna
mijn slappe pik een beetje opknapte. Ook ik stapte even uit om mijn pik op te
bergen en mijn kleren te herschikken. Toen ik weer instapte, had ze een plastic
zakje klaar om mijn tissue in op te bergen. Het leek allemaal routine, merkte
ik enigszins gefrustreerd. Ze had ook haar zetel weer vooruitgeschoven. Nog
voor ik goed en wel was ingestapt, had ze de auto al gestart. We waren amper
een kwartier bezig geweest. Op naar het supporterslokaal…

Onderweg zat ik een beetje tussen twee gevoelens; dit was
ongelofelijk opwindend en overrompelend geweest. Wilde parkingseks met de vrouw
van de voorzitter. Zoiets had ik uiteraard nog nooit meegemaakt. Tegelijk ook
het gevoel dat ik een nummertje was in een lange rij. Een bijna anoniem
tussendoortje; pik nummer zoveel, snel vergeten, op naar de volgende…

“Ons geheim hè” onderbrak ze mijn gemijmer.

“Ik zwijg als een graf” beaamde ik.

“Jij kan natuurlijk gemakkelijk nog eens opnieuw hè”
verraste ze me toen we al aardig in de buurt van het supporterslokaal kwamen.
“Ik ook. Makkelijk. Ik heb nog lang niet genoeg van je” vervolgde ze. Ik
trok ongetwijfeld grote ogen.

“Drink niet te veel, lieverd. Dan kunnen we straks aan
de tweede set beginnen.” Ik was sprakeloos. “Of wil je me niet meer,
kampioen?”

“Méént u dat?” Ik merkte dat ik, nu we in de buurt
van het supporterslokaal kwamen, automatisch weer naar de u-vorm was
overgeschakeld. “Maar…”

“Wil je niet meer?” Vroeg ze guitig.

“Natuurlijk wel” besliste ik.

“Straks” zei ze geheimzinnig.

Hoofdstuk 10
Supporterslokaal

We stapten uit en gingen zonder nog een woord te zeggen het
café binnen. Dan pas realiseerde ik me dat mijn sporttas en mijn jas nog in
haar auto lagen, maar dat kon me niet schelen. Ik nam gretig het meteen
aangeboden pintje in ontvangst, nam een grote slok om alle vreemde smaken en
eventuele geuren weg te spoelen, en zorgde er daarom ook voor dat er ‘per
ongeluk’ ook een stevige schuimrand onder mijn neus bleef hangen die ik dan ‘onhandig’
uiteen wreef rond mijn mond. Ik moest bij mijn vrienden uiteraard nog
uitgebreid verslag uitbrengen over mijn dopingplas en fantaseerde er nog een
kwartier extra bij in het lange wachten op ‘het kunnen plassen’. Ik zag
enerzijds hoe enkele spelers me geamuseerd observeerden, met een gezicht van ‘ik
weet wel beter’ maar gaf geen krimp. En ik zag anderzijds ook hoe Yvonne een
tamelijk intiem babbeltje sloeg met haar man, die zijn arm liefdevol om haar
zijde geslagen had, met veel gefluister in het oor. Het leek wel alsof hij af
en toe glimlachend eens naar mij keek.

De tijd verstreek. Ik amuseerde me met mijn vrienden en
supporters, als vedette van de dag. Dronk een pintje maar vooral water, zoals
de voorzittersvrouw me opgedragen had. Af en toe, of meer dan af en toe zocht
ik met mijn ogen naar de dame met wie ik zopas een waanzinnig kwartiertje had
beleefd. Af en toe kruisten onze ogen elkaar. Zonder dat anderen haar blikken
konden interpreteren, zag ik aan haar dat ze nog iets van me verwachtte. Ik kon
amper geloven dat ze nog een tweede ronde wilde, en ik begreep niet hoe ze dat
ging organiseren. Maar ik had intussen wel begrepen dat ze van aanpakken wist. Op
zeker moment dook de voorzitter naast me op. Hij feliciteerde me nog eens met
mijn wedstrijd. En terwijl hij me een ietsje apart nam en zijn stem wat dempte,
zei hij. “Yvonne was opgetogen over je prestaties!”

Ik probeerde niet van mijn barkruk te vallen van het
verschieten. Wat bedoelde hij? Ik keek hem verrast aan, en zijn spottende maar
absoluut niet grimmige glimlach maakte me duidelijk dat hij niet naar de
wedstrijd verwees. Mijn blik flitste naar zijn echtgenote elders in het café.
Haar lachje bevestigde wat ik vermoedde; die kerel wist al van ons onderonsje.

“Blijft tussen ons, hè” maande hij me aan. En hij
vervolgde; “Yvonne en ik gaan zo meteen naar huis. Je kunt met ons mee,
als je wil, dan breng ik je straks wel tot bij jou thuis. Maar eerst bij ons
nog iets drinken en zo.” Ik knikte stomverbaasd.

Hoofdstuk tien
Opnieuw op weg

Terwijl hij overal afscheid nam, maakte ik ook aanstalten om
te vertrekken; “Ik kan met de voorzitter mee; ideaal, want ik ben kapot.
Ik heb vandaag verdomme meer dan zes sets gespeeld hè” legde ik uit. (En dan
had ik het niet eens aan mijn auto-activiteiten…)

We vertrokken samen. De voorzitter had te veel gedronken om
zelf nog te rijden, liet zijn eigen wagen dus staan en kroop mee in de auto van
zijn echtgenote. Ik wrong me dus achterin en ging achter haar zitten, terwijl
hij zijn zetel royaal achteruitschoof.

We waren nauwelijks vertrokken toen hij zich naar mij keerde
en zei.

“Pak haar borsten! Zij heeft dat graag.” Ik was
verrast en tegelijk ook niet; mijn avond werd steeds doller. Ik ging op het
randje van de achter-zetel zitten, met de armen om haar rugleuning heen en
geraakte zo nog net bij haar borsten. Begon ze lichtjes te kneden. Zag hoe hij
zijn hand tussen haar dijen wrong. Ze kreunde. Ik hoopte maar dat ze de
controle over haar wagen niet zou verliezen en was tevreden toen we bij hen de
oprit van de poep-chique villa opreden.

Zestiger

Graag jouw waardering
als reactie onder dit verhaal.